juni  2020

  Het belang van het waarom.

 

Iedereen heeft een mening over de al dan niet hem aanbelangende zaken en mensen. Of zou dat toch moeten hebben.  Elke politieke partij heeft over alles en nog wat een standpunt. Of zou dat toch moeten hebben.  En Iedereen vindt bepaalde wetten en reglementringen, of delen daarvan, goed of slecht,  en in het parlement stemmen zijn vertegenwoordigers, in opdracht van hun partijcenakels,  vr of tegen wetsontwerpen, of onthouden zich daarvan.

Ht feit dat men vr of tegen iets of iemand bepaald is, goed of slecht vindt, en/of men al dan niet akkoord gaat, is naar mijn mening ondergeschikt aan de reden, de motivering, ervan.  Dat is belangrijk omdat het zijn mening, vervat in zijn wit-zwart-beoordeling relativeert. Een 'ja' is eigenlijk altijd een 'ja,maar...' en een 'neen' wordt meestal een 'neen, behalve..., onder voorwaarde... of uitgezonderd...' want zoals en wijs iemand ooit stelde: Alles is betrekkerijk'

Zo is mijn globale levensbeschouwing niet eenduidig 'links' of 'rechts', maar floreert van radicaal links voor wat het sociaaleconomische betreft, tot radicaal rechts op sociaalethisch vlak. en kan ik kan ik mij bij geen enkele van de bestaande stromingen of politieke partijen thuis voelen. Zelfs de aloude stromingen van conservatief tot progressief, welke dat nooit op alle vlakken kunnen/willen zijn, voldoen niet aan de relativiteitswetten welke niet enkel in de natuurwetenschappen maar ook bij mening- en standpuntvorming medebepalend zijn.

Als gevolg daarvan zijn stemmingen, zowel bij volksraadplegingen als bij parlementaire stemmingen nooit een echte weergave van wat 'de kiezer' echt wil of niet wil? Zijn stem wordt niet gevraagd voor n enkel punt of gegeven, maar voor een reeks van elkaar verschillende programmapunten, of wetsartikelen. En zullen er zowel bij een goed- als afgekeurde wet of partijprogramma, meerdere delen zijn waarin de stemgerechtigde zich niet volledig kan in vinden.

En juist drom is het belangrijk elke politieke partij bij haar standpuntbepaling m.b.t. een bepaald wetsvoorstel of wetsontwerp duidelijk en publiekelijk haar ingenomen standpunt en stemgedrag motiveert. Daarbij zou ook elke parlementair moeten/mogen aangeven  voor welke artikels (en waarom) hij voorbehoud maakt bij zijn, door de partij opgelegde, ja-of-neen-stem. Dt zou een stap naar een betere democratie zijn, bij welke de burger de mogelijkheid krijgt de partij en afgevaardigde waarvoor hij gekozen heef  daadwerkelijk te controleren en zijn stemgedrag te begrijpen.

Als men daarbij dan niet alleen denkt om met zijn uitleg zijn visie of gedrag relevant te verantwoorden, maar dat ook voor iedereen begrijpbaar te maken, zijn we al een heel eind op weg om datgene eindelijk uit te voeren wat we denken dat wij reeds lang doen: democratisch zijn.

RVP-2020