April  2020

 Aangeraden of verplicht gebruik van mondmaskers op openbare plaatsen, als geschenk voor criminelen, en orthodokse islamieten

Het ziet er naar uit dat bij de 'lockdown-exit-strategie het gebruik van mondmaskers en diti -capjes een essentiele rol gaan spelen. Dat gehele of gedeeltelijke gezichtsbedekking op openbare plaatsen vooralsnog verboden is volgens de  'Wet tot instelling van een verbod op het dragen van kleding die het gezicht volledig dan wel gedeeltelijk verbergt', (Staatsblad van 1 juni 2011),  schijnt men daarbij eventjes uit het oog te verliezen.

Het corona-virus is dus, zowel voor radicale islamieten, die hun vrouwen graag inpakken ten einde alle seksueel-opwindende lichaamsdelen, inclusief het gezicht, bij hun vrouwen bedekken, als bij criminelen die zich in hun lucratieve activiteiten gestoord zien door allerhande camera's waarop ze achteraf kunnen herkend worden, een welkom geschenk.  Behalve de bescherming tegenover virus-besmetting, krijgen ze a het voorkomen van idendificatie als bonus bovenop.

De betrokken wet, die de verouderde aloude wetgeving, welk logischerwijs in vrijwel elke sameleving bestaat, verfeinde en verduidelijkte, is in tijden van 'privicy-discussies' steeds onderwerp van wijzigingen en aanpassingen geweest. Dat zul ook nu weer het geval zijn. De vraag is hoe men de voordelen voor de misdaadwereld, die het onherkenbaarmakend effect die de gangbare 'mondcapjes' met zich meebrengen, gaat opvangen?

Toen ik onlangs mijn bedenking over de wettelijkheid van het gebruik van de mondcapjes op de sociale media ventileerde, reageerde een plaatselijke politica met "Inderdaad is het gebruik op openbare plaatsen weliswaar onwettelijk, maar 'nood breekt wet'. Dat geeft wellicht aan dat men van overheidswege de neiging zal hebben om dat via het klassieke 'neusbloeding' te negeren.

Het valt te verwachten dat, juist zoals de zogenaamde 'lock-down'- maatregelen heel wat ondemocratische en ongrondwettelijkheden inhielden, maar die wij uit, al dan niet gerechtvaardigde
 angst deemoedig accepteerden, er ook bij de uitwerking van de exit-strategie, aanklagenswaardige discriminaties en onrechtvaardigheden zullen zijn, welke wij, omwille van eigenbelang, machteloosheid, of tegen beter weten in, hoe dan ook lijdzaam zullen ondergaan.





©RVP-2020